Duizendwoorden.nl  
home  
Informatie  
Schrijvers  
Verhalen  
Video  
Jury  
Podcast  
De avonden  


   
nieuwamsterdam
VPRO
Het verhalen alfabet
Achter welke letter schuilt een verhaal?

<< alfabet / Auteurs beginnend met "d"
 
De ziener
door: John Toxopeus
 
Lukas was een bijzondere verschijning die door iedereen met respect werd behandeld omdat hij zoveel wist. Over sinistere en gruwelijke gebeurtenissen in ons stadje, wist hij meestal alles.
   Het tafeltje dicht bij de deur was zijn vaste plaats. Vanaf die plek bestudeerde hij de mensen die buiten langs het raam liepen en maakte hij opmerkingen over hun uiterlijk.
   Sinds de dramatische gebeurtenis vorige week zaterdag wordt er alleen nog over Lukas gesproken als iemand hem heeft gezien. In een van de steegjes, of bij de kade, waar hij rusteloos ronddoolt.

Lukas kwam in beweging als iemand nieuws had.
   Zoals twee maanden geleden toen Joop, de barman, vertelde dat een gemeenteraadslid zelfmoord had gepleegd. Dan ging hij rechtop zitten en priemden zijn zwarte pupillen door de lichtgroene glazen van zijn bril. Een grote bril was het met brede glazen in een rechthoekig montuur, waardoor het leek of zijn kleine ronde hoofd in een drukpers had gezeten. Met snelle rukjes van zijn hoofd speurde hij de zaak af. Zelf wilde hij geen aandacht. Nog niet.
   ‘Misschien dat hij het weet.’ Zijn korte, vlezige vinger richtte zich op de man die op het gemeentehuis uitkeringen verzorgt en ging in eenzelfde vloeiende beweging de lucht in. Voor Joop was dat het sein om een jonge jenever voor Lukas in te schenken. Alleen als Lukas zijn vinger opstak wilde hij jenever. Anders nooit. Zelfs niet als er wat te vieren was.
   Vanaf het moment dat de jonge borrel voor hem stond, veranderde zijn anders zo bedachtzame, bijna afwezige gedrag in gecontroleerde actie. In een oogwenk leegde hij het glas, zette de capuchon van zijn houtje-touwtjejas op en sloop, half gebukt, als een bruin roofdier de zaak uit. Bij de deur keek Lukas nog even om zodat je door de halfopen donkerrode gordijnen alleen de groene brillenglazen op zag lichten in een donker gat.

Zo ging het altijd als Lukas iets hoorde over nieuws uit de buurt. Zo ging het sinds de groepsverkrachting bij de jachthaven, alweer zo’n vijf jaar geleden. Hij wist alle treurige details.

Na een klein uur stapte Lukas de zaak weer binnen, de schouders aan weerszijden van zijn gezette lijfje zo hoog mogelijk opgetrokken. Met kleine afgemeten pasjes marcheerde hij naar de barkruk die in allerijl voor hem was vrijgemaakt. Een glas bier stond al klaar. Hij legde een arm op de bar, dronk het glas leeg en boog zich voorover.
   ‘Die zelfmoord waar we het zojuist over hadden, dat was me wat’, begon hij. ‘Die vent heeft zich opgehangen aan de antennekabel van de tv. Zijn vrouw had de tv kapot geslagen op zijn spoortreintjes en is toen een paar dagen naar haar zuster gegaan.’ Lukas wachtte even.
   Er werd een nieuw glas bier voor hem neergezet.
   ‘Vanmorgen vond ze hem op zolder. Hangend boven zijn spoortjes. Het stonk er behoorlijk, maar niet naar diesel.’ Zijn lach leek nog het meest op het gekwaak van een kikvors.
   Lukas stelde nooit teleur. Hij was beter geïnformeerd dan welke krant ook.

Maar sinds de dramatische gebeurtenis vorige week zaterdag, komt Lukas niet meer in de zaak.
   Thijs, een omvangrijke verschijning met schipperstrui en een vierkante, iets taps toelopende kop met korte stekels was die zaterdag later dan normaal.
   ‘Ik hoor net op de regionale omroep dat er een man is beroofd en in elkaar geslagen’, zei hij terwijl hij zijn plaats aan de bar innam. ‘Ergens in de buurt van de Varkensmarkt.’ Hij keek naar Lukas die opmerkingen maakte over een lange vrouw in een veel te strak T-shirt.
   ‘Kom op, er achteraan, Lukas’, riep Thijs. ‘Dat stuk gaat precies die kant op.’
   Lukas keek hem enkele ogenblikken zwijgend aan. ‘Je hebt stront onder je poten’, zei hij. Hij hield zijn kleine ronde hoofd iets naar achteren zodat de groene brillenglazen het licht van de straatlantaarn weerkaatsten.
   Thijs inspecteerde zijn grote werkmansschoenen. ‘Je lult’, zei hij.
   ‘Dan is het toch die grote bek van je’, zei Lukas. Hij wees naar de tafel waar twee bejaarde echtparen zaten te kaarten. ‘Vraag daar maar. Die met die pet speelt vals, die weet er vast meer van.’
   Terwijl het dikke vingertje omhoog ging, schonk Joop de jenever in. ‘Jouw toon bevalt hem niet’, zei hij. ‘Zal ik deze maar op jouw rekening zetten?’
   Thijs knikte.
   Toen Lukas de zaak verliet en zich nog even omdraaide, staarde Thijs naar zijn schoenen.

Even voor sluitingstijd kwam Lukas weer binnen. Hij opende de donkerrode gordijnen, stak beide armen omhoog en richtte zijn blik naar het plafond.
   ‘De ziener is dood’, zei hij.
   Het werd stil in de zaak.
   Langzaam liet hij zijn armen zakken, zijwaarts tot schouderhoogte en daarna zijn hoofd tot zijn kin op zijn borst rustte. Een kruisbeeld leek hij, een klein dik kruisbeeld. Dan schoot zijn hoofd omhoog. ‘In elkaar geslagen en dood’, schreeuwde hij. Hij schuifelde met afhangende schouders naar de bar, klom met moeite op een kruk en legde zijn hoofd op zijn armen.
   Er werden glazen bier bij hem neergezet. Iemand zette er een borrel tussen, maar die werd door een ander, driftig nee-schuddend, weggehaald.
   Lukas tilde zijn hoofd op. Zijn wangen waren nat. Hij nam een glas en dronk het leeg.
   ‘Wie was het Lukas?’ vroeg iemand. ‘Ja, wie was het?’ vroegen ook anderen.
   Na het derde glas deed Lukas zijn mond open. Eerst leek hij naar adem te happen. ‘Wij noemden hem de ziener’, zei hij. ‘Mijn tweelingbroer, hij wist altijd alles. Een gave.’
   Thijs legde een hand op zijn schouder, anderen raakten hem voorzichtig aan, mompelden iets van ‘godsamme’ of ‘Jezus’.
   ‘Het is sluitingstijd’, zei Joop. ‘Ik moet dicht, anders krijg ik gedonder met de politie.’ Hij bukte zich, pakte een fles jenever en gaf die aan Lukas.
   ‘Hier jongen’, zei hij.
   Lukas gleed van de barkruk. Starende blikken volgden zijn ronde gebogen gestalte naar de deur. Tussen de gordijnen keek hij nog een keer om. Zijn brillenglazen waren beslagen.
   Terwijl hij langs het raam liep schroefde hij de dop van de fles.


(1 reacties) | reageren?
 
triest hoor...
is dit echt gebeurt??:|
nicky
05/01/2008 21:39

 


 

© Copyright 2006 Nieuw Amsterdam | Webmaster | Contact